| Spitzen informatie |
|
!! ODM leerlingen beginnen het eertse jaar, na de herfstvakantie met spitzenlessen.
Het eerste paar spitzen. De dag dat je je eerste paar spitzen worden aangemeten is vaak een moment waarop lang is gewacht. Het is heel waarschijnlijk dat het eerste paar spitzen onwennig en ongemakkelijk aanvoelen. Zonder ervaring op spitzen voel je je vaak onzeker over wat je hoort te voelen en of je spitzen goed zitten. Het is daarom belangrijk dat het passen gebeurt in het bijzijn van iemand die verstand heeft van het aanmeten van spitzen en weet waar op gelet moet worden en hoe spitzen horen te zitten. Het belang van goed passende spitzen. De botjes van de voet bereiken hun definitieve hardheid en "volgroeidheid" niet totdat iemand ten minste een jaar of twintig is. Het is vanzelfsprekend dat de normale groei van de voeten niet belemmerd moet worden. Aangezien de voeten tijdens "spitzen-werk" onder een aanzienlijke spanning komen te staan moeten spitzen goed passen en is "op de groei" kopen eigenlijk uit den boze. De schoenen moeten goed passend en aangesloten zitten om kneuzing, blaren en eeltvorming zo veel mogelijk te voorkomen en om maximale steun te geven om blijvende botschade te voorkomen. Schoenen die te groot of te klein zijn geven geen goede steun en balans en veroorzaken pijn en ongemak. Voorbereiding. Zorg ervoor dat de teennagels geknipt zijn en doe panties of pantykousen aan bij het passen (zijn meestal wel aanwezig in de balletwinkel). Geef degene die je helpt bij het passen (spitzen-specialist in de winkel of je eigen docent die mee is) je gewone maat als beginpunt voor het zoeken van de juiste maat. Geef ook altijd door wat je dansdocent heeft gezegt over het kopen van spitzen en specifieke opmerkingen over jouw voeten. Je dansdocent kent jouw voeten de sterkte van je voeten en je nivo. Het passen. Spitzen passen is geen exacte wetenschap. Het leeuwendeel van de spitzen wordt met de hand gemaakt waardoor geen twee paar gelijk is. Er is altijd een hoop passen en geduld nodig om uiteindelijk de juiste spitzen te vinden. Tijdens het passen zul je vrijwel altijd meerdere spitzen moeten proberen. De spitzen moeten passen als een "handschoen" om de juiste steun te geven maar zullen vrijwel nooit comfortabel zitten (helaas!). Probeer zo veel mogelijk de vragen van degene die je de spitzen aanmeet te beantwoorden, zodat hij/zij je zo goed mogelijk kan helpen. Een goede balletwinkel heeft een zodanig assortiment spitzen dat er spitzen voor elk type voet en nivo aanwezig zijn en je dus de juiste spitzen kunt kiezen. Soms moet je meerdere soorten passen om de juiste te vinden, maar vaak ook kan degene die de spitzen aanmeet al een inschatting maken van welke spitzen bij je voeten passen als hij je voeten ziet. Dan kan ook het eerste paar al meteen het juiste zijn. Het in gebruik nemen van de spitzen. Veel ervaren dansers hebben de behoefte om nieuwe spitzen "onder handen te nemen". Het doel is om de schoenen zodanig flexibel te maken dat vloeiende bewegingen mogelijk zijn zonder dat de schoen de stevigheid verliest die nodig is voor de ondersteuning. Spitzen kunnen zachter gemaakt worden door ze te "vormen" met de handen maar een betere methode is om er in te lopen en " vanaf verschllende posities " en pointe" te gaan staan, zodat de schoenen " naar de voeten" gaan staan. Als je echter geen ervaring op spitzen hebt, draag ze dan alleen als je docent er bij is. Als danser heb je een bepaalde tijd nodig om te wennen aan het werken op spitzen. maar een groot deel van de veel voorkomende problemen worden voorkomen door altijd passende spitzen te dragen. Als de spitzen te wijd, te kort te lang of te nauw zijn, ontstaan er altijd problemen. De meest voorkomende signalen zijn blaren, likdoorns, overmatig eelt en een overgevoelige hiel en archillespees. Dit kan leiden tot eventuele blijvende schade aan de voeten. Dit artikel geeft een aantal zaken over het aanmeten en passen van spitzen en geeft hierover slechts algemene informatie. Er is over dit onderwerp nog veel meer te zeggen en verschillende danspedagogen en docenten hebben hierover soms verschillende ideeen. Bron: Ed Niessen-Wanda Kuiper. |









